Kerfstokjes

kerfstokje

Vandaag kijken we terug. Naar de herbergier die met vaste hand een kerf sneed. Naar de oude klant die knikte, wetend dat zijn naam weer een streepje rijker was. En naar de kinderen die toekeken, nieuwsgierig naar dit ritueel van hout en herinnering.

Wat is een kerfstokje? Een verhaal van vertrouwen en geheugen

Lang voordat er bonnetjes, bankapps of digitale rekeningen bestonden, vertrouwden mensen op een eenvoudig houten stokje. Een kerfstokje — niets meer dan een stukje hout met inkepingen — was een slim en eerlijk hulpmiddel om bij te houden wat iemand nog verschuldigd was. Elke kerf stond voor een bedrag, een dienst, een levering. De stok werd in tweeën gesplitst: de ene helft bleef bij de herbergier, de andere bij de klant. Zo kon niemand sjoemelen, want de kerfjes moesten precies op elkaar passen.

 

In herbergen, dorpswinkels en boerderijen was het kerfstokje een vertrouwde metgezel. Het sprak van vertrouwen, van herhaalde ontmoetingen, van een gemeenschap waarin men elkaar kende. Soms gingen kerfstokjes zelfs mee met de kinderen, als stille getuigen van wat vader nog moest betalen. En wie weet — misschien liggen er nog ergens stokjes in een lade, wachtend op een laatste kerf.

 

Achtkarspelen en omstreken

Voorwoord: Bij de samenstelling van mijn kwartierstaat stuitte ik op enige voorouders, woonachtig in Surhuisterveen, die het mijn en dijn niet al te letterlijk namen. De handen zaten ook te los aan het lijf en zodoende kregen het Nedergerecht en het Hof van Friesland het nodige te doen. Ook in de civiele zaken kwamen de namen vaak voor. Oeds Sijbes was een bekende persoonlijkheid in Surhuisterveen. Een inwoner van Surhuisterveen merkte op: "Vele mensen zijn gebrandmerkt die nog niet een tiende hebben gedaan van datgene wat Oeds Sijbes en zijn zonen hebben misdaan". Het waren overigens niet zulke ernstige misdrijven. Ik heb mij niet alleen tot mijn familieleden beperkt, maar ook andere verhalen van personen uit Noordoost Friesland meegenomen. De verhalen geven ook een aardig beeld van de werk- en leefwijze in die jaren. De verhalen zijn uiteraard waarheidsgetrouw verteld en opgetekend uit de dossiers van het Hof van Friesland. Gedeelten uit die dossiers zijn weggelaten, omdat ze aan het eigenlijke verhaal weinig toevoegden. * (landkaarten)

 

Als belangrijkste bronnen hebben gediend:   

  • Civiele en Criminele Sententies van het Hof van Friesland. 
  • Trouwregister van de Doopsgezinden in Surhuisterveen (Gen. 386) 
  • Doop- en trouwboeken van Achtkarspelen en Tietjerksteradeel. 

Dit alles in het Ryksarchief te Leeuwarden. 

Januari 1999  

Herzien juli 2001. 


Hof van Friesland

Voorwoord: Na het uitbrengen van een bundel verhalen, opgetekend uit de dossiers van het Hof van Friesland, is nu een tweede bundel gereed gekomen. De verhalen kunnen ook afzonderlijk worden besteld. De inhoud van de dossiers zijn zo goed mogelijk weergegeven, hier en daar sterk verkort, waarbij zoveel mogelijk rekening is gehouden met de genealogische aspecten. Hier en daar is een aanvulling gegeven vanuit de doop- en trouwboeken.


Verhalen van lang geleden

Verhalen van lang geleden

Opgetekend uit de dossiers van het Hof van Friesland en het Provinciaal Gerechtshof.


Slecht en Recht

Een serie verhalen uit de criminele en civiele sententies van het Hof van Friesland en de rechtbank van Heerenveen. Enkele zaken van het vredegerecht te Beetsterzwaag. Misschien voor genealogen een bron van informatie. Met name de akten van bekendheid en de verslagen van het familieberaad of de raad van "naastbestaanden" bevatten veel namen. Het zijn losse, gebundelde verhalen zonder enige samenhang, maar wel zaken waarbij inwoners van Smallingerland betrokken waren.


Het verzet tegen de overheid

Toelichting bij de verhalen

In Friesland bestonden diverse soorten belastingen. De belangrijkste waren: 

  •  Floreenbelasting. Het was een grondbelasting, geheven van de huurwaarde van de landerijen, uitgedrukt in florenen of goudguldens van 28 stuivers het stuk.
  • Reele honderdste penning. Een belasting op de vaste goederen naar evenredigheid van de huur. Opgebracht moest worden een zesdehalve penning van de huur van land.
  • Personele goedschatting. Dit was een soort vermogensbelasting. Van iedere honderd gulden die iemand bezat moest één gulden worden betaald. Bovendien van iedere duizend gulden ook een gulden. 

Roofmoord Nijega

De dubbele roofmoord in Nijega

Op dinsdagmorgen, 26 november van het jaar 1867, omstreeks half elf, liep Wietze van der Hei naar de boerderij van Wietze Hiddema aan de Hogeweg in Nijega. Drie mannen, vader, zoon en neef veroordeeld tot levenslange gevangenisstraf beschreven door Han Hietkamp


© Niets uit deze uitgaven mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie of op welke andere wijze ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming.